Kinderdagverblijf
Het Vlindertje
Meint Veningastraat 84, Hoogezand
Geregistreerd sinds2019 · 6 jaar geregistreerd
Openingstijden06:30 – 18:00, maandag–vrijdag
Totale grootteMedium (25 kindplekken)
Voorschoolse educatieNee
BuitenspeelplaatsJa
Gesproken talenNederlands
Eigen tuin of pleinVaste gezichten op de groepKleine groepen
Veel buiten spelen
Beoordelingen op Google
3,0 · 2
A
Anouckvia Google
1 jaar geleden
EH
Elize Houkesvia Google
4 jaar geleden
Kinderdagverblijf
Het Vlindertje
Meint Veningastraat 84, 9601KH Hoogezand
Over deze opvang
Geregistreerd sinds2019 · 6 jaar geregistreerd
Openingstijden06:30 – 18:00, maandag–vrijdag
Totale grootteMedium (25 kindplekken)
Voorschoolse educatieNee
BuitenspeelplaatsJa
Gesproken talenNederlands
GGD-inspectie
De GGD controleert elke opvang namens de gemeente, meestal jaarlijks. Hoe lees je een GGD-rapport?
2 punten niet in ordeNader onderzoek · bezocht 6 mei 2026 · rapport 9 juni 2026 · GGD Groningen
12
eisen getoetst
2
niet in orde
25
handhaving door gemeente
3 rapporten in het registerklik voor het pdf
Wat er niet in orde was, en wat wel
Niet in orde bij dit onderzoek
Meldcode kindermishandelingDe meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling ontbrak of was niet compleet, of de opvang deed te weinig om de kennis en het gebruik ervan te bevorderen.
Letterlijke eis uit de wet
Vaststellen meldcode De houder van een kindercentrum stelt voor het personeel een meldcode vast waarin stapsgewijs wordt aangegeven hoe met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling wordt omgegaan en die er redelijkerwijs aan bijdraagt dat zo snel en adequaat mogelijk hulp kan worden geboden. De door de houder voor het personeel vast te stellen meldcode bevat ten minste de volgende elementen: a. een stappenplan, inhoudende een omschrijving van de stappen voor het omgaan door het personeel met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling; b. een afwegingskader op basis waarvan het personeel het risico op en de aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling weegt en dat het personeel in staat stelt te beoordelen of sprake is van dusdanig ernstig huiselijk geweld of ernstige kindermishandeling, dan wel van een vermoeden daarvan, dat een melding is aangewezen; c. een toebedeling van verantwoordelijkheden aan de diverse personeelsleden bij de stappen van het stappenplan, inclusief vermelding van de functie van degene die eindverantwoordelijk is voor de beslissing over het al dan niet doen van een melding; d. indien van toepassing, specifieke aandacht voor bijzondere vormen van geweld, die speciale kennis en vaardigheden van personeel vereisen; e. specifieke aandacht voor de wijze waarop het personeel omgaat met gegevens waarvan zij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden.Achterwacht in het beleidHet veiligheids- en gezondheidsbeleid beschreef niet hoe de achterwacht is geregeld als er maar één medewerker aanwezig is.
Letterlijke eis uit de wet
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid omvat, indien van toepassing, een concrete beschrijving van de wijze waarop de achterwacht is geregeld indien er met inachtneming van de beroepskracht-kindratio of bij het afwijken van de inzet van het minimaal aantal in te zetten beroepskrachten op grond van de beroepskracht-kindratio, slechts een beroepskracht op het kindercentrum aanwezig is.Wel getoetst en in orde
Accommodatie · 1 eis
Ouderrecht · 1 eis
Pedagogisch klimaat · 2 eisen
Personeel en groepen · 2 eisen
Veiligheid en gezondheid · 4 eisen
Wat de toezichthouder schreef
Bij de volgende hoofdstukken is aan de beoordeelde kwaliteitseisen voldaan tijdens het nader onderzoek van 06-05-2026:
• ouderrecht.
Aan een aantal kwaliteitseisen is niet voldaan. Het gaat om:
• veiligheid en gezondheid: beleid veiligheid en gezondheid en meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.
Handhaving door de gemeente
Een aanwijzing is een formele opdracht van de gemeente om iets binnen een termijn te herstellen. Besluiten horen bij de locatie, niet bij één rapport, en zijn vaak inmiddels opgevolgd.
Aanwijzing · Personenregister · 4 augustus 2026
Niet alle personen die gescreend moeten worden (onder wie de houder zelf) waren (op tijd) in het Personenregister kinderopvang ingeschreven of aan de houder gekoppeld.
Letterlijke eis uit de wet
Na inschrijving van een persoon als bedoeld in artikel 1.50 derde lid van de wet in het personenregister kinderopvang en na koppeling met de houder kan de persoon zijn werkzaamheden aanvangen.Aanwijzing · Minimaal de helft van de medewerkers · 25 februari 2026
Op de momenten waarop er minder medewerkers mogen staan dan normaal, stond er minder dan de helft van het aantal medewerkers dat voor het aantal kinderen nodig is.
Letterlijke eis uit de wet
Gedurende de uren dat conform het pedagogische beleidsplan minder beroepskrachten worden ingezet, wordt ten minste de helft van het conform de beroepskracht-kindratio benodigde aantal beroepskrachten ingezet.Aanwijzing · Administratie van de bezetting · 25 februari 2026
Met het overzicht van de ingezette medewerkers en de presentielijsten van de kinderen (met aankomst- en vertrektijden) was niet aan te tonen dat er steeds genoeg medewerkers op de groep stonden.
Letterlijke eis uit de wet
De houder toont door middel van een overzicht van de ingezette beroepskrachten en presentielijsten van kinderen, inclusief een indicatie van de aankomst- en vertrektijden, aan dat hij voldoet aan de benodigde beroepskracht-kindratio en indien van toepassing de afwijking daarvan.Aanwijzing · Pedagogisch beleidsplan · 25 februari 2026
Het pedagogisch beleidsplan ontbrak of miste verplichte onderdelen, of er werd op de groep niet volgens dat plan gewerkt.
Letterlijke eis uit de wet
Het kindercentrum beschikt over een pedagogisch beleidsplan. De houder van een kindercentrum draagt er zorg voor dat in de dagopvang conform het pedagogisch beleidsplan wordt gehandeld.Aanwijzing · Pedagogisch coach · 25 februari 2026
Het minimaal aantal jaarlijkse uren voor de pedagogisch beleidsmedewerker (de coach van de medewerkers) was niet bepaald, niet schriftelijk verdeeld over de locaties of niet ingezet.
Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum bepaalt jaarlijks, indien hij meer dan één kindercentrum exploiteert, de wijze waarop hij het verplichte minimaal aantal uren waarvoor pedagogisch beleidsmedewerkers worden ingezet, verdeelt over de verschillende kindercentra en legt dit schriftelijk vast zodat dit inzichtelijk is voor de beroepskrachten en ouders. De houder geeft de verdeling zodanig vorm dat iedere beroepskracht jaarlijks coaching ontvangt in de uitvoering van de werkzaamheden.Last onder dwangsom · Inzet van leerlingen en stagiairs · 25 februari 2026
Leerlingen of stagiairs werden ingezet op een manier die niet volgens de regels mag, bijvoorbeeld te veel of niet passend bij hun opleidingsfase, of er was geen begeleidingsplan waarmee alle betrokkenen schriftelijk hadden ingestemd.
Letterlijke eis uit de wet
De inzet van beroepskrachten in opleiding en stagiairs geschiedt overeenkomstig de voorwaarden opgenomen in de meest recent aangevangen cao Kinderopvang. Bij het bepalen van de inzet van beroepskrachten in opleiding en stagiairs wordt rekening gehouden met de opleidingsfase waarin zij zich op dat moment bevinden.Last onder dwangsom · Personenregister · 25 februari 2026
Niet alle personen die gescreend moeten worden (onder wie de houder zelf) waren (op tijd) in het Personenregister kinderopvang ingeschreven of aan de houder gekoppeld.
Letterlijke eis uit de wet
Na inschrijving van een persoon als bedoeld in artikel 1.50 derde lid van de wet in het personenregister kinderopvang en na koppeling met de houder kan de persoon zijn werkzaamheden aanvangen.Aanwijzing · Administratie · 25 februari 2026
De administratie was niet zo ingericht, of niet compleet, dat de toezichthouder op verzoek tijdig de gegevens kon krijgen die nodig zijn om de naleving van de wet te controleren.
Letterlijke eis uit de wet
De administratie van een kindercentrum is zodanig ingericht dat op verzoek van de toezichthouder tijdig de gegevens kunnen worden verstrekt die voor naleving van bij en krachtens hoofdstuk 1, afdeling 3, paragrafen 2 en 3 van de Wet kinderopvang gegeven voorschriften van belang zijn. De administratie bevat de volgende gegevens: - een overzicht van alle personen die op grond van artikel 1.50, derde lid, van de wet over een verklaring omtrent het gedrag moeten beschikken, vermeldende in ieder geval naam, burgerservicenummer, geboortedatum, en voor wat betreft de bij het kindercentrum werkzame beroepskrachten eveneens de behaalde diploma’s en getuigschriften; - een afschrift van het veiligheids- en gezondheidsbeleid, bedoeld in artikel 4 van het Besluit kwaliteit kinderopvang; - een overzicht van de omvang en de samenstelling van de oudercommissie, bedoeld in artikel 1.58 van de wet; - een afschrift van het reglement van de oudercommissie, bedoeld in artikel 1.59 van de wet; - een overzicht van alle ingeschreven kinderen, vermeldende per kind: naam, burgerservicenummer, geboortedatum, adres, postcode, woonplaats, telefoonnummer en het adres en telefoonnummer van de ouders.Last onder dwangsom · Aantal medewerkers per kind · 25 februari 2026
Op sommige momenten stonden er te weinig medewerkers op de groep voor het aantal aanwezige kinderen.
Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum zet voldoende beroepskrachten in voor het aantal kinderen dat wordt opgevangen, met dien verstande dat: - de verhouding tussen het minimaal aantal in te zetten beroepskrachten en het aantal aanwezige kinderen in een stamgroep wordt bepaald op grond van de rekenregels; -indien een stamgroep wordt gecombineerd met een basisgroep de verhouding tussen het minimaal aantal in te zetten beroepskrachten en het aantal aanwezige kinderen in de gecombineerde groep wordt bepaald op grond van de rekenregels.Aanwijzing · Oudercommissie · 25 februari 2026
Er was geen oudercommissie, of ouders werden niet op een andere aantoonbare manier bij het beleid betrokken.
Letterlijke eis uit de wet
De houder heeft, zes maanden na registratie, voor het kindercentrum een oudercommissie ingesteld die tot taak heeft de houder van een kindercentrum te adviseren over de onderwerpen in artikel 1.60 van de Wet. In afwijking hiervan kan een gecombineerde oudercommissie voor meerdere kindercentra zijn ingesteld als de houder in hetzelfde of een aangrenzend gebouw meer dan een kindercentrum exploiteert. De verplichting tot het instellen van een oudercommissie geldt niet omdat het een kindercentrum betreft waar maximaal 50 kinderen worden opgevangen en de houder zich aantoonbaar voldoende heeft ingespannen om een oudercommissie in te stellen.Last onder dwangsom · Administratie · 25 februari 2026
De administratie was niet zo ingericht, of niet compleet, dat de toezichthouder op verzoek tijdig de gegevens kon krijgen die nodig zijn om de naleving van de wet te controleren.
Letterlijke eis uit de wet
De administratie van een kindercentrum is zodanig ingericht dat op verzoek van de toezichthouder tijdig de gegevens kunnen worden verstrekt die voor naleving van bij en krachtens hoofdstuk 1, afdeling 3, paragrafen 2 en 3 van de Wet kinderopvang gegeven voorschriften van belang zijn. De administratie bevat de volgende gegevens: - een overzicht van alle personen die op grond van artikel 1.50, derde lid, van de wet over een verklaring omtrent het gedrag moeten beschikken, vermeldende in ieder geval naam, burgerservicenummer, geboortedatum, en voor wat betreft de bij het kindercentrum werkzame beroepskrachten eveneens de behaalde diploma’s en getuigschriften; - een afschrift van het veiligheids- en gezondheidsbeleid, bedoeld in artikel 4 van het Besluit kwaliteit kinderopvang; - een overzicht van de omvang en de samenstelling van de oudercommissie, bedoeld in artikel 1.58 van de wet; - een afschrift van het reglement van de oudercommissie, bedoeld in artikel 1.59 van de wet; - een overzicht van alle ingeschreven kinderen, vermeldende per kind: naam, burgerservicenummer, geboortedatum, adres, postcode, woonplaats, telefoonnummer en het adres en telefoonnummer van de ouders.Aanwijzing · Schriftelijke overeenkomst · 25 februari 2026
Er was geen schriftelijke overeenkomst tussen de opvang en de ouder.
Letterlijke eis uit de wet
Kinderopvang geschiedt op basis van een schriftelijke overeenkomst tussen de houder van een kindercentrum en de ouder.Aanwijzing · Taaleis medewerkers · 25 februari 2026
Van een Nederlandssprekende medewerker ontbrak het bewijs dat die aan de taaleis voldoet.
Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum beschikt over een kopie van een bewijsstuk waaruit blijkt dat een Nederlandssprekende beroepskracht voldoet aan de taaleis IKK.Aanwijzing · Meldcode kindermishandeling · 25 februari 2026
De meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling ontbrak of was niet compleet, of de opvang deed te weinig om de kennis en het gebruik ervan te bevorderen.
Letterlijke eis uit de wet
Vaststellen meldcode De houder van een kindercentrum stelt voor het personeel een meldcode vast waarin stapsgewijs wordt aangegeven hoe met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling wordt omgegaan en die er redelijkerwijs aan bijdraagt dat zo snel en adequaat mogelijk hulp kan worden geboden. De door de houder voor het personeel vast te stellen meldcode bevat ten minste de volgende elementen: a. een stappenplan, inhoudende een omschrijving van de stappen voor het omgaan door het personeel met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling; b. een afwegingskader op basis waarvan het personeel het risico op en de aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling weegt en dat het personeel in staat stelt te beoordelen of sprake is van dusdanig ernstig huiselijk geweld of ernstige kindermishandeling, dan wel van een vermoeden daarvan, dat een melding is aangewezen; c. een toebedeling van verantwoordelijkheden aan de diverse personeelsleden bij de stappen van het stappenplan, inclusief vermelding van de functie van degene die eindverantwoordelijk is voor de beslissing over het al dan niet doen van een melding; d. indien van toepassing, specifieke aandacht voor bijzondere vormen van geweld, die speciale kennis en vaardigheden van personeel vereisen; e. specifieke aandacht voor de wijze waarop het personeel omgaat met gegevens waarvan zij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden.Aanwijzing · Beleid bekend bij medewerkers · 25 februari 2026
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid beschreef niet concreet hoe de opvang ervoor zorgt dat medewerkers, stagiairs, vrijwilligers en ouders inzicht hebben in het actuele beleid en de evaluaties.
Letterlijke eis uit de wet
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid omvat een concrete beschrijving van de wijze waarop de houder van een kindercentrum er zorg voor draagt dat het actuele veiligheids- en gezondheidsbeleid en de evaluaties daarvan inzichtelijk zijn voor de beroepskrachten, beroepskrachten in opleiding, stagiairs, vrijwilligers en ouders.Aanwijzing · Inspectierapport online · 25 februari 2026
Het GGD-rapport stond niet zo spoedig mogelijk na ontvangst op de website van de opvang, of er lag (zonder website) geen afschrift ter inzage voor ouders en personeel.
Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum informeert ouders en personeel over het inspectierapport door het zo spoedig mogelijk na ontvangst op de eigen website te plaatsen op een gemakkelijk vindbare plaats. Indien geen website aanwezig is legt de houder een afschrift van het inspectierapport ter inzage op een voor ouders en personeel toegankelijke plaats.Aanwijzing · Achterwacht in het beleid · 25 februari 2026
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid beschreef niet hoe de achterwacht is geregeld als er maar één medewerker aanwezig is.
Letterlijke eis uit de wet
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid omvat, indien van toepassing, een concrete beschrijving van de wijze waarop de achterwacht is geregeld indien er met inachtneming van de beroepskracht-kindratio of bij het afwijken van de inzet van het minimaal aantal in te zetten beroepskrachten op grond van de beroepskracht-kindratio, slechts een beroepskracht op het kindercentrum aanwezig is.Aanwijzing · Plan van aanpak met zicht op medewerkers · 25 februari 2026
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid had geen concreet plan van aanpak, of daarin stond niet hoe de dagopvang zo is georganiseerd dat medewerkers alleen werken terwijl een andere volwassene hen kan zien of horen.
Letterlijke eis uit de wet
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid omvat een plan van aanpak waarin in concrete termen is aangegeven welke maatregelen binnen welke termijn zijn respectievelijk worden genomen, teneinde deze voornaamste risico’s met grote gevolgen betreffende veiligheid, gezondheid en het risico op grensoverschrijdend gedrag in te perken en de handelswijze indien deze risico’s zich verwezenlijken. De houder van een kindercentrum beschrijft bij de maatregelen die gericht zijn op het inperken van het risico op grensoverschrijdend gedrag, in ieder geval de wijze waarop hij de dagopvang zodanig organiseert dat een beroepskracht, beroepskracht in opleiding of stagiair de werkzaamheden uitsluitend kan verrichten terwijl hij gezien of gehoord kan worden door een andere volwassene.Aanwijzing · Risico's in het beleid · 25 februari 2026
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid beschreef de risico's voor de kinderen op deze locatie niet concreet genoeg, onder meer de grootste risico's voor veiligheid en gezondheid en het risico op grensoverschrijdend gedrag.
Letterlijke eis uit de wet
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid omvat een concrete beschrijving van de risico’s die de opvang van kinderen van het desbetreffende kindercentrum met zich brengt, waarbij in ieder geval wordt ingegaan op: - de voornaamste risico’s met grote gevolgen voor de veiligheid van kinderen; - de voornaamste risico’s met grote gevolgen voor de gezondheid van kinderen; - het risico op grensoverschrijdend gedrag door beroepskrachten, beroepskrachten in opleiding, stagiairs, vrijwilligers, overige aanwezige volwassenen en kinderen.Aanwijzing · Veiligheid en gezondheid · 25 februari 2026
Het veiligheids- en gezondheidsbeleid ontbrak, was niet actueel of niet binnen drie maanden na opening geëvalueerd, of in de praktijk werd er niet naar gehandeld.
Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum heeft voor elk kindercentrum een beleid dat ertoe leidt dat de veiligheid en gezondheid van de op te vangen kinderen zoveel mogelijk is gewaarborgd. De houder draagt er zorg voor dat er in de dagopvang conform het veiligheids- en gezondheidsbeleid wordt gehandeld.Aanwijzing · Inrichting van de ruimtes · 25 februari 2026
De binnen- of buitenruimte was niet veilig, toegankelijk of passend ingericht voor de leeftijd van de kinderen.
Letterlijke eis uit de wet
De binnen- en buitenruimtes waar kinderen verblijven gedurende de tijd dat zij worden opgevangen, zijn veilig, toegankelijk en passend ingericht in overeenstemming met het aantal en de leeftijd van de op te vangen kinderen.De uitleg in gewone taal is van Kribo; de letterlijke eis staat er ingeklapt onder. Bij twijfel is het pdf van de GGD leidend.Volledig rapport (pdf)
Zo is het geregeld
Eigen tuin of plein
Vaste gezichten op de groep
Zo staat het op de site van de opvang
Kinderopvang het vlindertje biedt een professionele en gezellige opvang met enthousiaste creatieve en vaste pedagogisch medewerkers.bron
Kleine groepen
Zo staat het op de site van de opvang
De kleinschaligheid van de BSO biedt vele voordelen: kinderen zien steeds dezelfde vertrouwde gezichten en er is genoeg aandacht voor elk kind.bron
Een tegel met een pijltje klapt open met de zin waar het kenmerk op steunt.
Wat de kinderen doen
Veel buiten spelen
Buurt & omgeving
CBS-cijfers
Bron: CBS Kerncijfers wijken en buurten 2024.
€ 253k
Gem. WOZ-waarde
Onder landelijk gemiddelde
53%
Koopwoningen
Gemengde wijk
7%
Kinderen 0–15 jr
Weinig kinderen in de buurt
16%
Huishoudens met kinderen
Weinig gezinnen
Beoordelingen op Google
3,02 beoordelingen
A
Anouckvia Google
1 jaar geleden
EH
Elize Houkesvia Google
4 jaar geleden