Heeft je kind autisme, een ontwikkelingsachterstand, een lichamelijke beperking of een aandoening als diabetes, epilepsie of een ernstige allergie, dan kan het vaak gewoon naar een kinderdagverblijf of bso. Weigeren alleen vanwege een beperking of chronische ziekte mag in principe niet, maar een recht op een plek heb je ook niet: anders dan de basisschool heeft de kinderopvang geen zorgplicht. Is gewone opvang niet genoeg, dan zijn er medische kinderdagverblijven en kinderdagcentra. Dat is zorg, en daarvoor krijg je geen kinderopvangtoeslag.
Mag een gewone opvang je kind weigeren?
Een kinderopvang valt onder de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte. Ze mag geen onderscheid maken bij de toegang tot de opvang en bij het sluiten, uitvoeren of opzeggen van een contract, en moet doeltreffende aanpassingen doen, tenzij die een onevenredige belasting zijn. Zulke aanpassingen zijn volgens de Rijksoverheid niet verplicht als ze heel veel geld of moeite kosten, een onveilige situatie opleveren of niet uit te voeren zijn. Onderscheid mag ook als dat echt nodig is om de veiligheid en de gezondheid te beschermen.
Dat risico moet wel concreet zijn. In juli 2024 oordeelde het College voor de Rechten van de Mens dat een kinderdagverblijf het contract van een jong kind met een zeldzame aandoening niet mocht opzeggen terwijl het onderzoek in het ziekenhuis nog liep.
De Geschillencommissie Kinderopvang kijkt per zaak. In 2023 mocht een opvang het contract van een kind met diabetes type 1 niet opzeggen: de opvang stoppen bij een aandoening die te reguleren en beheersbaar is, noemde de commissie een onaanvaardbare uitsluiting, en een cursus kon de onzekerheid bij de medewerkers wellicht verminderen. Wel mocht een opvang dat jaar weigeren een baby met net vastgestelde epilepsie te laten beginnen. Gewone opvang was volgens de commissie waarschijnlijk heel goed mogelijk, maar of de medewerkers bij een aanval de medische beoordeling op zich nemen, mocht de opvang zelf bepalen.
Andersom meld je bijzonderheden over de gezondheid of de ontwikkeling van je kind al bij de aanmelding; zo staat het in de algemene voorwaarden van de branche (versie 2025). Kom je er samen niet uit, dan oordeelt de Geschillencommissie bindend. Vermoed je discriminatie, dan kun je ook gratis een oordeel vragen aan het College voor de Rechten van de Mens. Dat oordeel is niet bindend, wel gezaghebbend.
Welke afspraken maak je over zorg en medicijnen?
Elk kinderdagverblijf en elke bso heeft een beleid veiligheid en gezondheid, met de grootste risico's en een plan van aanpak. Je mag het inzien. Voor jouw kind leg je daarnaast eigen afspraken vast, bijvoorbeeld in een zorgprotocol: welke zorg of medicatie, wanneer, door wie, en wat er gebeurt bij een noodgeval.
Voor injecties en andere voorbehouden handelingen is volgens de Brancheorganisatie Kinderopvang een opdracht van een arts nodig, met een bekwaamheidsverklaring die arts, medewerker en ouders tekenen. Een opvang kan daar volgens de branche nooit toe gedwongen worden. Insuline geven mag volgens een Kamerbrief uit 2017 en het Klachtenloket Kinderopvang ook zonder opdracht van een arts, onder meer als een medewerker het vrijwillig doet, niet in opdracht van de werkgever, en met goede afspraken met jou. Een medewerker kan dus ook nee zeggen.
In een noodgeval, zoals een levensbedreigende allergische reactie, mag iedereen ingrijpen, ook met een adrenalinepen. Bel dan altijd eerst 112.
Wil of kan niemand op de groep het doen, dan kan een verpleegkundige langskomen. Zonder Wlz-indicatie heet dat medische kindzorg en valt het onder de zorgverzekering; een kinderverpleegkundige stelt zonder verwijzing vast wat nodig is. Een jeugdhulpmedewerker op de groep telt in de regel niet mee voor het aantal medewerkers dat de wet per groep eist. Een persoonlijk begeleider die structureel aanwezig is, moet in het Personenregister Kinderopvang staan en aan de opvang gekoppeld zijn; een verpleegkundige die even langskomt voor de insuline niet.
Wie betaalt extra hulp op de groep?
Kinderopvangtoeslag krijg je alleen voor de opvang zelf, en alleen als die in het Landelijk Register Kinderopvang staat: in 2026 over hooguit € 11,23 per uur voor dagopvang en € 9,98 voor de bso. Wie de extra hulp betaalt, hangt af van wat je kind nodig heeft. Onder welke wet dat valt, kies je niet zelf.
De gemeente moet jeugdhulp bieden, bijvoorbeeld aan kinderen met een beperking, stoornis of aandoening, maar bepaalt zelf hoe. Gewone opvang betaalt ze niet uit het jeugdhulpbudget. De extra hulp kan ze wel betalen: de ene gemeente financiert een plusgroep, de andere geeft een persoonsgebonden budget (pgb) voor een eigen begeleider op de groep. Ook de pgb-tarieven verschillen per gemeente. Een eigen bijdrage voor jeugdhulp betaal je in 2026 niet. Het kabinet werkt aan een plan voor een beperkte eigen bijdrage voor sommige jeugdhulp vanaf 2028.
Voor een pgb leg je uit waarom hulp in natura niet past, en je moet het budget kunnen beheren. Het geld komt niet op je rekening: de Sociale Verzekeringsbank betaalt de hulpverleners. Is jouw keuze duurder dan de hulp in natura, dan mag de gemeente het verschil bij jou laten.
Medisch kinderdagverblijf, kinderdagcentrum of bso+
Voor een kleine groep kinderen is behandeling nodig in plaats van opvang. Een handreiking die bureau Sardes in 2025 voor drie ministeries schreef, gaat in een model uit van ruwweg 1 tot 2 procent van de kinderen. Daarnaast is er opvang met extra begeleiding. De namen lopen door elkaar.
Medisch kinderdagverblijf (mkd), ook medisch orthopedagogisch centrum of dagbehandeling jonge kind: onderzoek en behandeling voor kinderen tot 7 jaar met een ontwikkelingsachterstand, vaak met vervoer.
Verpleegkundig kinderdagverblijf: voor kinderen tot 4 jaar met complexe medische problemen, bijvoorbeeld een kind dat ademhalingsondersteuning nodig heeft of epilepsie heeft die niet te behandelen is.
Kinderdagcentrum (kdc): voor kinderen van 2 tot 18 jaar met een (ernstige) verstandelijke of meervoudige beperking, die er bijvoorbeeld leren zelf te eten en zich aan te kleden.
Bso+ en bso met zorg: opvang na school en in de vakanties met extra begeleiding, vaak voor kinderen uit het speciaal onderwijs. Bij gedragsproblemen is er ook naschoolse dagbehandeling, via jeugdhulp.
Een mkd of kdc is zorg en geen kinderopvang. Die zorg loopt via de Jeugdwet, de Wlz of de zorgverzekering, en kinderopvangtoeslag krijg je er niet voor: die is alleen voor opvang in het Landelijk Register Kinderopvang. Bij een verpleegkundig kinderdagverblijf betaalt de zorgverzekering de verpleging, maar volgens het Zorginstituut niet altijd alles; soms betaal je een eigen bijdrage. Sommige verpleegkundige kinderdagverblijven staan ook als kinderdagverblijf in het register, en dan kun je voor de opvang toeslag krijgen als je er recht op hebt.
Bij de bso wisselt het. De bso plusopvang in Rotterdam valt onder de Wet kinderopvang, en de gemeente subsidieert die in 2026 uit eigen middelen. Een bso bij een zorgaanbieder kan dagbesteding zijn, en daarvoor heb je een indicatie nodig. Vraag dus altijd of de locatie in het register staat en hoe de kosten verdeeld zijn.
Houd rekening met wachttijd. In 2021 noemde het College voor de Rechten van de Mens de wachtlijsten in de medische kinderopvang een belangrijk knelpunt, en volgens BOinK is een passende bso-plek voor veel kinderen met een extra ondersteuningsbehoefte in 2026 nog steeds moeilijk te vinden.
Vve en een indicatie via het consultatiebureau
Voorschoolse educatie (vve) is geen zorg, maar een programma voor peuters van 2,5 tot 4 jaar met een mogelijke (taal)achterstand. De gemeente bepaalt wie een indicatie krijgt, meestal via het consultatiebureau. Een beperking is op zichzelf geen reden voor een indicatie, schreef het College voor de Rechten van de Mens in 2021, al rekken sommige gemeenten de doelgroep op, bijvoorbeeld met kinderen met gedragsproblemen.
De jeugdarts van het consultatiebureau kan voor sommige jeugdhulp ook een verwijzing geven. En voor kinderen tot 6 jaar is er integrale vroeghulp: gratis en zonder verwijzing, al biedt niet elke gemeente het.
De overstap naar de basisschool
Voor de basisschool geldt wel een zorgplicht, behalve als de school vol is. Meld je kind schriftelijk aan: dat kan vanaf de derde verjaardag, zo mogelijk minstens tien weken voor de gewenste start. Vertel dat je kind extra ondersteuning nodig heeft; de school mag om gegevens over de beperking vragen. Ze beslist binnen zes weken, met hooguit vier weken verlenging. Kan ze de ondersteuning niet zelf bieden, dan moet ze zorgen dat een andere school je kind toelaat, bijvoorbeeld een school voor speciaal onderwijs. Kom je er niet uit, dan kun je kosteloos een onderwijsconsulent inschakelen.
Het kennismakingsgesprek: wat je vraagt en meeneemt
Neem op papier mee: de medicijnen met dosering en tijden, de instructies van de arts of het zorgplan, en een noodplan voor een aanval of allergische reactie.
Vraag wie de zorg geeft, hoeveel medewerkers daarvoor getraind zijn en wie het overneemt bij ziekte of vakantie.
Vraag of een begeleider, therapeut of verpleegkundige op de groep mag komen, en of de opvang dat eerder heeft gedaan.
Vraag of er een rustige plek is voor een kind dat snel overprikkeld raakt.
Spreek af hoe vaak jullie de afspraken bekijken, wat de opvang doet als het niet goed gaat en welke informatie ze met de behandelaar mag delen.
Waar je terechtkunt
Het consultatiebureau of de jeugdgezondheidszorg, bij zorgen over de ontwikkeling of voor een vve-indicatie.
Het wijkteam of jeugdteam van je gemeente, voor jeugdhulp en een pgb. Een onafhankelijke cliëntondersteuner helpt je gratis bij het regelen ervan.
Het Juiste Loket (030-7897878), als je niet weet onder welke wet de zorg valt.
BOinK, de belangenvereniging van ouders in de kinderopvang: spreekuur op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 9.00 tot 12.00 uur (030-2317914).
Het Klachtenloket Kinderopvang (0900-1877, volgens het loket gratis), bij een conflict over weigeren of opzeggen.
Zoek een kinderdagverblijf of bso bij jou in de buurt
Meer vragen over ontwikkeling en extra zorg
- Wetten.nl, Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte
- College voor de Rechten van de Mens, oordeel 2024-64 over een kinderdagverblijf
- Geschillencommissie Kinderopvang, uitspraak 218968/221719 (diabetes type 1, 2023)
- Geschillencommissie Kinderopvang, uitspraak 227662/228955 (epilepsie, 2023)
- Brancheorganisatie Kinderopvang, notitie medisch handelen in de kinderopvang
- Minister van SZW, Kamerbrief over onder meer insuline in de kinderopvang (8 februari 2017)
- Regelhulp (ministerie van VWS), verpleging en verzorging voor je kind: welke wet
- Regelhulp (ministerie van VWS), pgb voor jeugdhulp
- Zorginstituut Nederland, kindzorg (0-18 jaar) en het verpleegkundig kinderdagverblijf
- Sardes in opdracht van SZW, OCW en VWS, handreiking Op weg naar inclusieve kinderopvang (2025)
- Ministeries van SZW en VWS, overzicht opvang- en zorgvoorzieningen (onderzoek inclusieve kinderopvang, 2022)
- Rijksoverheid, hoe krijgt mijn kind passend onderwijs?