Alle artikelen
TOESLAG

Kinderopvang bijna gratis in 2029? Wat er tot die tijd verandert

Vanaf 1 januari 2029 wil het kabinet werkende ouders 95,6% van de kosten tot het maximumuurtarief vergoeden, en dat geld rechtstreeks aan de opvang betalen. Wat er tot die tijd aan de toeslag verandert, en wat je nu al kunt doen.

4 september 2026 · bijgewerkt 27 september 2026 · 3 min lezen
Een rekenmachine en documenten op een bureau
Foto via Unsplash

Het plan staat al in het coalitieakkoord van december 2021; de invoering schoof sindsdien van 2025 via 2027 naar 2029. Het wetsvoorstel ligt sinds september 2026 bij de Raad van State. Daarna moeten de Tweede en de Eerste Kamer er nog over beslissen.

Het plan voor 2029

—

Alle werkende ouders krijgen 95,6% van de kosten vergoed tot het maximumuurtarief, ongeacht hun inkomen: de inkomenstabel verdwijnt. Eerder was 96% aangekondigd.

—

De overheid betaalt rechtstreeks aan de opvang. Jij betaalt de eigen bijdrage, 4,4% van de kosten tot het maximumtarief, plus alles wat de opvang daarboven rekent.

—

Er is geen toeslag meer, dus ook geen voorschotten en geen terugvorderingen bij ouders.

—

De koppeling aan werk blijft: wie niet werkt, studeert, inburgert of een traject naar werk volgt, krijgt niets, tenzij de gemeente bijspringt.

De ingroeistappen tot 2029

In 2026 krijgen werkende ouders met een gezamenlijk toetsingsinkomen tot € 56.413 al 96%, voor het eerste én de volgende kinderen; daarboven loopt het percentage voor het eerste kind af tot 36,5%. Volgens het ontwerpbesluit van Prinsjesdag 2026 gaat die grens in 2027 naar ongeveer € 72.000 en het laagste percentage naar 39,1%. Middeninkomens tot ongeveer € 179.000 krijgen er voor het eerste kind 5,1 procentpunt bij. De maximumuurtarieven worden in 2027 naar verwachting € 11,60 (dagopvang), € 10,31 (bso) en € 8,77 (gastouder). Definitief is dat nog niet.

Wat er níet verandert

Het maximumuurtarief blijft, en daarmee het deel dat je zelf betaalt als de opvang meer rekent. In 2026 is dat maximum € 11,23 voor dagopvang, € 9,98 voor bso en € 8,49 voor gastouderopvang. Begin 2026 lag de gemiddelde uurprijs € 0,39 (dagopvang), € 0,60 (bso) en € 0,25 (gastouder, kinderen tot 4 jaar) boven het maximum van dat jaar. Stijgen de tarieven harder dan het maximum, dan wordt dat verschil groter, ook in het nieuwe stelsel. Daarom toont Kribo het uurtarief van de opvang zelf, waar we het vinden.

Het risico van het wachten

Hoe goedkoper de opvang, hoe groter de vraag, en er is nu al te weinig personeel. Het kabinet verwacht zelf dat de vraag na 2027 minder geleidelijk groeit dan gepland, omdat de stap in 2027 kleiner is. Zoek een plek voor 2029 dus niet pas in 2028. In 2024 wachtte in de vier grote steden al 18% van de ouders langer dan drie maanden na de gewenste startdatum op een plek op het kinderdagverblijf, tegen 14% landelijk.

Wat je nu kunt doen

—

Vraag de toeslag aan binnen drie maanden na de start van de opvang, anders loop je maanden mis.

—

Geef wijzigingen in inkomen en uren binnen vier weken door en schat je inkomen liever te hoog dan te laag. Dan is de kans kleiner dat je achteraf moet terugbetalen.

—

Vraag of je opvang de toeslag rechtstreeks kan ontvangen; dat kan als ze een overeenkomst heeft met Dienst Toeslagen. Dan betaal je alleen het restant.

—

Reken elk jaar in januari opnieuw: het percentage bij jouw inkomen verandert, en het maximumtarief ook.

Zo voorkom je dat je toeslag moet terugbetalen

Bronnen