Alle berichten
BELEID · 4 SEPTEMBER 2026 · BIJGEWERKT 27 SEPTEMBER 2026

Kinderopvang moet in 2029 bijna gratis worden, maar ouders gaan nog niet meer werken

Het kabinet wil dat alle werkende ouders vanaf 2029 bijna alle opvangkosten tot de maximumuurprijs vergoed krijgen, en verhoogt de toeslag tot die tijd elk jaar. Toch nemen ouders nog niet meer opvang af, blijkt uit cijfers van het ministerie.

Twee meisjes lezen samen een boek in een zonnig veld
Foto via Unsplash. Sfeerbeeld, geen foto van de betrokkenen.

Het kabinet wil de kinderopvangtoeslag per 1 januari 2029 afschaffen. De overheid betaalt dan een subsidie rechtstreeks aan de opvang. Alle werkende ouders krijgen hetzelfde percentage vergoed tot de maximumuurprijs, ongeacht hun inkomen; volgens de plannen is dat 96 procent. Zelf betaal je de rest tot het maximum, plus alles wat de opvang daarboven rekent. Terugvorderingen achteraf verdwijnen.

Tot die tijd gaat de toeslag stap voor stap omhoog, zodat steeds meer inkomensgroepen het maximale percentage krijgen. Volgens een rekenvoorbeeld van het ministerie krijgt een gezin met twee werkende ouders, twee kinderen die twee dagen naar de opvang gaan en een bruto jaarinkomen van € 63.100 in 2025 € 994 meer toeslag dan in 2024.

Het wetsvoorstel voor het nieuwe stelsel ging in oktober 2025 in internetconsultatie. De invoering was in april 2025 al met twee jaar uitgesteld, van 2027 naar 2029. De overheidsuitgaven aan kinderopvang lopen op van zo'n 6 miljard naar ongeveer 9 miljard euro per jaar.

Ouders nemen nog niet meer kinderopvang af

Het kabinet hoopt dat ouders meer gaan werken als opvang goedkoper wordt. Maar volgens cijfers van het ministerie van Sociale Zaken daalde het aantal afgenomen opvanguren in het tweede kwartaal van 2025 voor het eerst in jaren even. Econoom Thomas van Huizen ziet de wachtlijsten eerder afvlakken.

Volgens BOinK-voorzitter Gjalt Jellesma werken prijsprikkels niet in de kinderopvang, omdat cultuur meer bepaalt: zelfs ouders met hoge lonen brengen hun kind vaak maar drie dagen. Bij de bso verwacht hij wel effect, bijvoorbeeld bij een ouder die nu tot 14.00 uur werkt om de kinderen uit school te halen. Volgens de Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang weten veel ouders niet wat er verandert en staan ze argwanend tegenover het aanvragen van toeslag. Kinderopvangexpert Ed Buitenhek denkt dat een grote groep pas later in beweging komt, omdat de hoogste inkomens pas in de laatste fase een hogere vergoeding krijgen.

Waar je op let tot 2029

—

Een hogere toeslag betekent ook een hogere terugvordering als je een wijziging niet op tijd doorgeeft, bijvoorbeeld als je je baan verliest. Geef wijzigingen binnen vier weken door in Mijn toeslagen of de app Toeslagen.

—

Je opvang geeft elke maand aan Dienst Toeslagen door hoeveel uur je kind komt en wat je per uur betaalt. Volgens Jellesma doet maar 60 procent van de organisaties dat goed. Zorg dat de opvang jullie juiste persoonsgegevens heeft, vergelijk de uren en het uurtarief op de factuur met Mijn toeslagen, en pas je gegevens meteen aan als je bericht krijgt dat ze verschillen.

—

Reken elk jaar in januari opnieuw: het percentage bij jullie inkomen verandert, en de maximumuurprijs ook.

Update 27 september 2026

Het wetsvoorstel ligt sinds begin september 2026 bij de Raad van State; daarna beslissen de Tweede en de Eerste Kamer erover. Werkende ouders krijgen in het nieuwe stelsel 95,6 procent vergoed tot de maximumuurprijs in plaats van 96 procent, omdat het stelsel duurder uitvalt dan gedacht. Je eigen bijdrage wordt daarmee 4,4 procent van de kosten tot het maximum. Het kabinet houdt vast aan 1 januari 2029.

De verhoging voor 2027 is kleiner dan eerder gepland. Ouders met een gezamenlijk toetsingsinkomen tot ongeveer € 72.000 krijgen dan het maximale percentage, en een gezin met twee kinderen, twee dagen opvang en twee keer modaal krijgt volgens het kabinet zo'n € 700 meer toeslag dan in 2026. De kop van dit bericht geldt nog: in de kwartaalcijfers over begin 2026 gebruiken kinderen gemiddeld ongeveer evenveel uren opvang als een jaar eerder, en is de arbeidsparticipatie van ouders stabiel.