MaXice D'Care
MaXice D'Care aan de Wormerhoek in Capelle aan den IJssel biedt kinderopvang voor 0 tot 12 jaar, met een BSO voor 77 kinderen. MaXice legt de nadruk op een huiselijke, inclusieve omgeving waar elk kind welkom is, ongeacht achtergrond of karakter. De organisatie denkt mee met gezinnen en werkt met korte lijnen. Ouders noemen de locatie schoon en ruim, met vriendelijke medewerkers.
Beoordelingen op Google
MaXice D'Care
MaXice D'Care aan de Wormerhoek in Capelle aan den IJssel biedt kinderopvang voor 0 tot 12 jaar, met een BSO voor 77 kinderen. MaXice legt de nadruk op een huiselijke, inclusieve omgeving waar elk kind welkom is, ongeacht achtergrond of karakter. De organisatie denkt mee met gezinnen en werkt met korte lijnen. Ouders noemen de locatie schoon en ruim, met vriendelijke medewerkers.
Over deze opvang
GGD-inspectie
De GGD controleert elke opvang namens de gemeente, meestal jaarlijks. Hoe lees je een GGD-rapport?
Wat er gecontroleerd is en wat de toezichthouder schreef
Bij dit onderzoek zijn de volgende kwaliteitseisen beoordeeld en in orde:
De aanvraag voor uitbreiding met 12 kindplaatsen betreft het starten van een BSO Plus groep.
Kindercentrum MaXice D'Care maakt deel uit van Maxice D'Care B.V. Dit kindercentrum biedt buitenschoolse opvang aan kinderen in de leeftijd van 4 tot 13 jaar. Het kindercentrum heeft 65 geregistreerde kindplaatsen. De houder heeft een aanvraag ingediend om het aantal kindplaatsen te verhogen naar 77 kindplaatsen.
Het Landelijk Register Kinderopvang geeft een overzicht van alle onderzoeken die zijn gedaan. Hier volgt een overzicht van de meest recente onderzoeken:
Een aanwijzing is een formele opdracht van de gemeente om iets binnen een termijn te herstellen. Besluiten horen bij de locatie, niet bij één rapport, en zijn vaak inmiddels opgevolgd.
Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum zet voldoende beroepskrachten in voor het aantal kinderen dat wordt opgevangen, met dien verstande dat de verhouding tussen het minimaal aantal in te zetten beroepskrachten en het aantal aanwezige kinderen in een basisgroep wordt bepaald op grond van de rekenregels.Letterlijke eis uit de wet
De houder toont door middel van een overzicht van de ingezette beroepskrachten en presentielijsten van kinderen, inclusief een indicatie van de aankomst- en vertrektijden, aan dat hij voldoet aan de benodigde beroepskracht-kindratio en indien van toepassing de afwijking daarvan op vrije dagen en bij schoolvakanties.Letterlijke eis uit de wet
Bij buitenschoolse opvang vindt de opvang plaats in basisgroepen. Een kind wordt opgevangen in één basisgroep. De maximale grootte van de basisgroep wordt bepaald op grond van tabel 2 in bijlage 1, onderdeel b van het Besluit kwaliteit kinderopvang.Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum heeft voor elk kindercentrum een beleid dat ertoe leidt dat de veiligheid en gezondheid van de op te vangen kinderen zoveel mogelijk is gewaarborgd. De houder draagt er zorg voor dat er in de buitenschoolse opvang conform het veiligheids- en gezondheidsbeleid wordt gehandeld.Letterlijke eis uit de wet
Het kindercentrum beschikt over een pedagogisch beleidsplan. De houder van een kindercentrum draagt er zorg voor dat in de buitenschoolse opvang conform het pedagogisch beleidsplan wordt gehandeld.Letterlijke eis uit de wet
De inzet van beroepskrachten in opleiding en stagiairs geschiedt overeenkomstig de voorwaarden opgenomen in de meest recent aangevangen cao Kinderopvang. Bij het bepalen van de inzet van beroepskrachten in opleiding en stagiairs wordt rekening gehouden met de opleidingsfase waarin zij zich op dat moment bevinden.Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum draagt er zorg voor dat er gedurende de buitenschoolse opvang te allen tijde ten minste één volwassene aanwezig is die gekwalificeerd is voor het verlenen van eerste hulp aan kinderen conform de in de Regeling Wet kinderopvang aan deze kwalificatie gestelde nadere regels.Letterlijke eis uit de wet
Na inschrijving van een persoon als bedoeld in artikel 1.50 derde lid van de wet in het personenregister kinderopvang en na koppeling met de houder van een kindercentrum kan de persoon zijn werkzaamheden aanvangen.Letterlijke eis uit de wet
In het bezit van een verklaring omtrent het gedrag zijn: a. de houder of voorgenomen houder van een kindercentrum; b. de participerende ouder; c. de personen die op basis van een arbeidsovereenkomst met de houder of met een uitzendorganisatie tijdens opvanguren werkzaam zijn dan wel zullen zijn op de locatie van een onderneming waarmee de houder een kindercentrum exploiteert en waar kinderen worden opgevangen; d. de personen die op basis van een andere overeenkomst met de houder structureel tijdens opvanguren werkzaam zijn of zullen zijn op de locatie waar kinderen worden opgevangen; e. de personen die uit hoofde van hun functie toegang hebben of zullen hebben tot informatie over de kinderen die worden opgevangen; f. de personen van 18 jaar en ouder die op het woonadres waar een kindercentrum is gevestigd hun hoofdverblijf hebben of zullen hebben dan wel die structureel tijdens opvanguren aanwezig zijn of zullen zijn op het kindercentrum, gevestigd op een woonadres. Voor zover het natuurlijke personen betreft is eenieder als bedoeld in de onderdelen a tot en met f ingeschreven in het personenregister kinderopvang en gekoppeld aan de houder.Letterlijke eis uit de wet
In het kader van het bieden van verantwoorde buitenschoolse opvang, draagt de houder van een kindercentrum er in ieder geval zorg voor dat, rekening houdend met de ontwikkelingsfase waarin kinderen zich bevinden: a. op een sensitieve en responsieve manier met kinderen wordt omgegaan, respect voor de autonomie van kinderen wordt getoond en grenzen worden gesteld aan en structuur wordt geboden voor het gedrag van kinderen, zodat kinderen zich emotioneel veilig en geborgen kunnen voelen; b. kinderen spelenderwijs worden uitgedaagd in de ontwikkeling van hun motorische vaardigheden, cognitieve vaardigheden, taalvaardigheden en creatieve vaardigheden, teneinde kinderen in staat te stellen steeds zelfstandiger te functioneren in een veranderende omgeving; c. kinderen worden begeleid in hun interacties, waarbij hen spelenderwijs sociale kennis en vaardigheden worden bijgebracht, teneinde kinderen in staat te stellen steeds zelfstandiger relaties met anderen op te bouwen en te onderhouden; d. kinderen worden gestimuleerd om op een open manier kennis te maken met de algemeen aanvaarde waarden en normen in de samenleving met het oog op een respectvolle omgang met anderen en een actieve participatie in de maatschappij.Letterlijke eis uit de wet
Gedurende de uren dat voor en na de dagelijkse schooltijd alsmede gedurende vrije middagen van de basisschool voor ten hoogste een half uur per dag minder beroepskrachten worden ingezet, of indien conform het pedagogisch beleidsplan minder beroepskrachten worden ingezet, wordt ten minste de helft van het benodigde aantal beroepskrachten ingezet.Zo is het geregeld
Warm eten tussen de middag
We eten samen vers bereide tussendoortjes of warme maaltijden en nemen de tijd om te luisteren na school, zodat de overgang van school naar huis rustig en vertrouwd voelt.bron
Vers gekookt
We eten samen vers bereide tussendoortjes of warme maaltijden en nemen de tijd om te luisteren na school, zodat de overgang van school naar huis rustig en vertrouwd voelt.bron
Flesvoeding geregeld
Wij houden het makkelijk: luiers, flesvoeding, warme maaltijden, activiteiten en materialen zijn inbegrepen.bron
Luiers zitten erbij
Inclusief luiers, verzorgingsproducten, warme maaltijden, activiteiten, lessen, crècheboeken en ouderavonden.bron
Doekjes en zalf zitten erbij
Inclusief luiers, verzorgingsproducten, warme maaltijden, activiteiten, lessen, crècheboeken en ouderavonden.bron
Kleine groepen
Een kleinschalige, prikkelarme opvang na schooltijd voor kinderen die nét dat beetje extra aandacht en structuur nodig hebben.bron
Een tegel met een pijltje klapt open met de zin waar het kenmerk op steunt.
Wat de kinderen doen
Buurt & omgeving
CBS-cijfers
Bron: CBS Kerncijfers wijken en buurten 2024.