Christoffeltje peutergroep
Beoordelingen
Christoffeltje peutergroep
Over deze opvang
GGD-inspectie
De GGD controleert elke opvang namens de gemeente, meestal jaarlijks. Hoe lees je een GGD-rapport?
Wat er gecontroleerd is en wat de toezichthouder schreef
De toezichthouder heeft op 25 november 2025 een nader onderzoek uitgevoerd bij kinderdagverblijf (KDV) Christoffeltje peutergroep in Venlo.
De houder voldoet aan de getoetste voorwaarde. De tekortkoming uit het laatst uitgevoerde jaarlijks onderzoek is opgelost door de houder.
KDV Christoffeltje peutergroep is een voorziening van ISTIA Kinderopvang BV. De houder verenigt kinderdagcentra die op antroposofische grondslag kinderopvang bieden. De houder is vanaf 31 oktober 2022 gestart met de exploitatie van KDV Christoffeltje peutergroep.
De peutergroep is gevestigd aan de Albert Cuypstraat 1D te Venlo. In dit pand is tevens Scouting Baden Powell Venlo gevestigd. De houder geeft aan dat de scouting niet aanwezig is gedurende de openingstijden van het kinderdagverblijf. In eerste instantie betrof het een tijdelijke huisvesting in verband met een verbouwing van de oorspronkelijke locatie, Zustersstraat 25 te Venlo. Stamgroep Bloemenkinderen blijft gebruik maken van de vestiging aan de Albert Cuypstraat 1D te Venlo. KDV Christoffeltje peutergroep is met 12 kindplaatsen geregistreerd in het LRK. Op deze locatie wordt voorschoolse educatie aangeboden.
Een aanwijzing is een formele opdracht van de gemeente om iets binnen een termijn te herstellen. Besluiten horen bij de locatie, niet bij één rapport, en zijn vaak inmiddels opgevolgd.
Letterlijke eis uit de wet
De binnen- en buitenruimtes waar kinderen verblijven gedurende de tijd dat zij worden opgevangen, zijn veilig, toegankelijk en passend ingericht in overeenstemming met het aantal en de leeftijd van de op te vangen kinderen.Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum waar voorschoolse educatie wordt geboden draagt er zorg voor dat beroepskrachten voorschoolse educatie in het bezit zijn van: Een getuigschrift van een opleiding zoals opgenomen in de meest recent aangevangen cao Kinderopvang. Een erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, verleend ten aanzien van de door hen te verrichten beroepswerkzaamheden.Letterlijke eis uit de wet
De inzet van beroepskrachten in opleiding en stagiairs geschiedt overeenkomstig de voorwaarden opgenomen in de meest recent aangevangen cao Kinderopvang. Bij het bepalen van de inzet van beroepskrachten in opleiding en stagiairs wordt rekening gehouden met de opleidingsfase waarin zij zich op dat moment bevinden.Letterlijke eis uit de wet
Onderdeel van een beroepsopleiding vormt ten minste een met gunstig gevolg afgesloten keuzedeel dat is gericht op het ontwikkelingsgericht werken in de voorschoolse educatie en dat ten minste kennis en vaardigheden omvat met betrekking tot: a. het werken met programma’s voor voor- en vroegschoolse educatie, b. het stimuleren van de ontwikkeling van het jonge kind, in het bijzonder op de gebieden taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling, c. het volgen van de ontwikkeling van peuters en het hierop afstemmen van het aanbod van voorschoolse educatie, d. het betrekken van de ouders bij het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen, en e. het vormgeven aan de inhoudelijke aansluiting tussen voor- en vroegschoolse educatie en aan een zorgvuldige overgang van het kind van voor- naar vroegschoolse educatie. In afwijking hiervan is het keuzedeel niet vereist indien de genoemde kennis en vaardigheden al onderdeel zijn van de beroepsopleiding waarop de kwalificatie is gericht. De bezitter van een getuigschrift dat niet een keuzedeel voorschoolse educatie in de beroepsopleiding omvat, maakt aantoonbaar dat met gunstig gevolg scholing is afgerond, bestaande uit ten minste 12 dagdelen, die specifiek is gericht op het verwerven van kennis en vaardigheden met betrekking tot voorschoolse educatie als genoemd in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.Letterlijke eis uit de wet
De beroepskracht voorschoolse educatie beheerst aantoonbaar ten minste niveau 3F op de onderdelen Mondelinge Taalvaardigheid en Lezen.Letterlijke eis uit de wet
De verhouding tussen het aantal beroepskrachten voorschoolse educatie en het feitelijk aantal aanwezige kinderen in de groep bedraagt ten minste één beroepskracht voorschoolse educatie per acht kinderen.Letterlijke eis uit de wet
Aan een kind van één jaar of ouder worden ten hoogste drie vaste beroepskrachten toegewezen, waarvan per dag ten minste één beroepskracht werkzaam is in de stamgroep van dat kind, tenzij de houder hiervan onder de voorwaarden van het Besluit kwaliteit kinderopvang artikel 9a rechtmatig is afgeweken. Indien er vanwege de grootte van de stamgroep met drie of meer beroepskrachten tegelijkertijd gewerkt wordt dan worden er ten hoogste vier vaste beroepskrachten toegewezen aan een kind van één jaar of ouder.Zo is het geregeld
Wat de kinderen doen
Buurt & omgeving
CBS-cijfers
Bron: CBS Kerncijfers wijken en buurten 2024.