IKC De Zuidvliet Kortgene
Beoordelingen
IKC De Zuidvliet Kortgene
Over deze opvang
GGD-inspectie
De GGD controleert elke opvang namens de gemeente, meestal jaarlijks. Hoe lees je een GGD-rapport?
Wat er niet in orde was, en wat wel
Letterlijke eis uit de wet
Het kindercentrum beschikt over een pedagogisch beleidsplan. De houder van een kindercentrum draagt er zorg voor dat in de dagopvang conform het pedagogisch beleidsplan wordt gehandeld.Letterlijke eis uit de wet
Het pedagogisch beleidsplan bevat ten minste een concrete beschrijving van de wijze waarop invulling wordt gegeven aan aspecten van verantwoorde dagopvang, bedoeld in artikel 2 van het Besluit kwaliteit kinderopvang.Letterlijke eis uit de wet
Het pedagogisch beleidsplan bevat ten minste een concrete beschrijving van de werkwijze, maximale omvang en leeftijdsopbouw van de stamgroepen alsmede de wijze waarop, in ieder geval door middel van de personele inzet, wordt voldaan aan de beroepskracht-kindratio.Letterlijke eis uit de wet
Bij dagopvang vindt de opvang plaats in stamgroepen. Een kind wordt opgevangen in één stamgroep. De maximale groepsgrootte wordt bepaald op grond van tabel 1 in bijlage 1, onderdeel a van het Besluit kwaliteit kinderopvang. Indien een stamgroep wordt gecombineerd met een basisgroep wordt de maximale grootte van de gecombineerde groep bepaald op grond van bijlage 1, onderdeel c van het Besluit kwaliteit kinderopvang.Bij de volgende hoofdstukken is aan de beoordeelde kwaliteitseisen voldaan:
• pedagogisch klimaat; pedagogische praktijk en inzet pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie.
• personeel en groepen; verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang, opleidingseisen en inzet pedagogisch beleidsmedewerker.
Aan een aantal kwaliteitseisen is niet voldaan. De toezichthouder heeft voor een deel hiervoor een herstelaanbod gedaan. Het gaat om:
Een aanwijzing is een formele opdracht van de gemeente om iets binnen een termijn te herstellen. Besluiten horen bij de locatie, niet bij één rapport, en zijn vaak inmiddels opgevolgd.
Letterlijke eis uit de wet
De verhouding tussen het aantal beroepskrachten voorschoolse educatie en het feitelijk aantal aanwezige kinderen in de groep bedraagt ten minste één beroepskracht voorschoolse educatie per acht kinderen.Letterlijke eis uit de wet
Het pedagogisch beleidsplan bevat ten minste een concrete beschrijving van de werkwijze, maximale omvang en leeftijdsopbouw van de stamgroepen alsmede de wijze waarop, in ieder geval door middel van de personele inzet, wordt voldaan aan de beroepskracht-kindratio.Letterlijke eis uit de wet
De beroepskracht voorschoolse educatie beheerst aantoonbaar ten minste niveau 3F op de onderdelen Mondelinge Taalvaardigheid en Lezen.Letterlijke eis uit de wet
Bij dagopvang vindt de opvang plaats in stamgroepen. Een kind wordt opgevangen in één stamgroep. De maximale groepsgrootte wordt bepaald op grond van tabel 1 in bijlage 1, onderdeel a van het Besluit kwaliteit kinderopvang. Indien een stamgroep wordt gecombineerd met een basisgroep wordt de maximale grootte van de gecombineerde groep bepaald op grond van bijlage 1, onderdeel c van het Besluit kwaliteit kinderopvang.Letterlijke eis uit de wet
Onderdeel van een beroepsopleiding vormt ten minste een met gunstig gevolg afgesloten keuzedeel dat is gericht op het ontwikkelingsgericht werken in de voorschoolse educatie en dat ten minste kennis en vaardigheden omvat met betrekking tot: a. het werken met programma’s voor voor- en vroegschoolse educatie, b. het stimuleren van de ontwikkeling van het jonge kind, in het bijzonder op de gebieden taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling, c. het volgen van de ontwikkeling van peuters en het hierop afstemmen van het aanbod van voorschoolse educatie, d. het betrekken van de ouders bij het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen, en e. het vormgeven aan de inhoudelijke aansluiting tussen voor- en vroegschoolse educatie en aan een zorgvuldige overgang van het kind van voor- naar vroegschoolse educatie. In afwijking hiervan is het keuzedeel niet vereist indien de genoemde kennis en vaardigheden al onderdeel zijn van de beroepsopleiding waarop de kwalificatie is gericht. De bezitter van een getuigschrift dat niet een keuzedeel voorschoolse educatie in de beroepsopleiding omvat, maakt aantoonbaar dat met gunstig gevolg scholing is afgerond, bestaande uit ten minste 12 dagdelen, die specifiek is gericht op het verwerven van kennis en vaardigheden met betrekking tot voorschoolse educatie als genoemd in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.Zo is het geregeld
Fruit en tussendoortjes
Eigen tuin of plein
Eigen moestuin
Groene tuin met een moestuin, zandbak, wilgenhut en babyboxbron
Kleine groepen
Een tegel met een pijltje klapt open met de zin waar het kenmerk op steunt.
Wat de kinderen doen
Veel buiten spelen
Sport en gym
We bewegen veel: dansen, gymmen en ravotten in de gymzaal en buitenbron
Dansen
Binnen heeft je kind alle ruimte om te dansen en te gymmenbron
Zingen en muziek
De liedjes die we samen zingen stimuleren de spraak- en taalontwikkeling en leren je peuter beginnend tellen, vriendjes maken, delen, op de beurt wachten en te bewegen op muziek wat goed is voor de lichamelijke ontwikkeling.bron
Knutselen en schilderen
Binnen zijn er leuke speelhoeken en kan je zoon of dochter lekker knutselen, enorm leuk maar ook goed voor de fijne motoriek!bron
Voorlezen
Pedagogisch professionals lezen voor, voeren gesprekken, zingen en spelen mee.bron
Extra aandacht voor taal
De liedjes die we samen zingen stimuleren de spraak- en taalontwikkeling en leren je peuter beginnend tellen, vriendjes maken, delen, op de beurt wachten en te bewegen op muziek wat goed is voor de lichamelijke ontwikkeling.bron
Buurt & omgeving
CBS-cijfers
Bron: CBS Kerncijfers wijken en buurten 2024.