De Kindercarrousel
BSO De Kindercarrousel, onderdeel van Kindcentrum De Kindercarrousel in het Carolusgebouw in Rotterdam, deelt het pand met het gelijknamige kinderdagverblijf. De methode Lekker Fit! en aandacht voor voorschoolse educatie vormen de basis van de activiteiten. Een review noemt de BSO relatief kleinschalig voor KindeRdam-begrippen, wat ruimte geeft voor individuele aandacht en zelfregie.
Beoordelingen op Google
De Kindercarrousel
BSO De Kindercarrousel, onderdeel van Kindcentrum De Kindercarrousel in het Carolusgebouw in Rotterdam, deelt het pand met het gelijknamige kinderdagverblijf. De methode Lekker Fit! en aandacht voor voorschoolse educatie vormen de basis van de activiteiten. Een review noemt de BSO relatief kleinschalig voor KindeRdam-begrippen, wat ruimte geeft voor individuele aandacht en zelfregie.
Over deze opvang
GGD-inspectie
De GGD controleert elke opvang namens de gemeente, meestal jaarlijks. Hoe lees je een GGD-rapport?
Wat er gecontroleerd is en wat de toezichthouder schreef
Bij dit onderzoek zijn de volgende kwaliteitseisen beoordeeld en in orde:
• Verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang
• Aantal beroepskrachten en eisen aan de inzet van beroepskrachten in opleiding, andersgekwalificeerde beroepskrachten en stagiairs
Een aanwijzing is een formele opdracht van de gemeente om iets binnen een termijn te herstellen. Besluiten horen bij de locatie, niet bij één rapport, en zijn vaak inmiddels opgevolgd.
Letterlijke eis uit de wet
In het kader van het bieden van verantwoorde buitenschoolse opvang, draagt de houder van een kindercentrum er in ieder geval zorg voor dat, rekening houdend met de ontwikkelingsfase waarin kinderen zich bevinden: a. op een sensitieve en responsieve manier met kinderen wordt omgegaan, respect voor de autonomie van kinderen wordt getoond en grenzen worden gesteld aan en structuur wordt geboden voor het gedrag van kinderen, zodat kinderen zich emotioneel veilig en geborgen kunnen voelen; b. kinderen spelenderwijs worden uitgedaagd in de ontwikkeling van hun motorische vaardigheden, cognitieve vaardigheden, taalvaardigheden en creatieve vaardigheden, teneinde kinderen in staat te stellen steeds zelfstandiger te functioneren in een veranderende omgeving; c. kinderen worden begeleid in hun interacties, waarbij hen spelenderwijs sociale kennis en vaardigheden worden bijgebracht, teneinde kinderen in staat te stellen steeds zelfstandiger relaties met anderen op te bouwen en te onderhouden; d. kinderen worden gestimuleerd om op een open manier kennis te maken met de algemeen aanvaarde waarden en normen in de samenleving met het oog op een respectvolle omgang met anderen en een actieve participatie in de maatschappij.Letterlijke eis uit de wet
Het pedagogisch beleidsplan bevat ten minste een concrete beschrijving van de overwegingen van de houder met betrekking tot de verhouding tussen het minimaal aantal in te zetten beroepskrachten en het aantal aanwezige kinderen in het kindercentrum. De houder gaat daarbij in ieder geval in op de verdeling van het aantal beroepskrachten over de verschillende basisgroepen, de behoeften van het kind, de vormgeving van de basisgroepen en de stabiliteit van de opvang.Letterlijke eis uit de wet
De houder heeft, zes maanden na registratie, voor het kindercentrum een oudercommissie ingesteld die tot taak heeft de houder van een kindercentrum te adviseren over de onderwerpen in artikel 1.60 van de wet. In afwijking hiervan kan een gecombineerde oudercommissie voor meerdere kindercentra zijn ingesteld als de houder in hetzelfde of een aangrenzend gebouw meer dan een kindercentrum exploiteert. De verplichting tot het instellen van een oudercommissie geldt niet omdat het een kindercentrum betreft waar maximaal 50 kinderen worden opgevangen en de houder van een kindercentrum zich aantoonbaar voldoende heeft ingespannen om een oudercommissie in te stellen.Letterlijke eis uit de wet
De houder van een kindercentrum heeft voor elk kindercentrum een beleid dat ertoe leidt dat de veiligheid en gezondheid van de op te vangen kinderen zoveel mogelijk is gewaarborgd. De houder draagt er zorg voor dat er in de buitenschoolse opvang conform het veiligheids- en gezondheidsbeleid wordt gehandeld.Letterlijke eis uit de wet
De binnen- en buitenruimtes waar kinderen verblijven gedurende de tijd dat zij worden opgevangen, zijn veilig, toegankelijk en passend ingericht in overeenstemming met het aantal en de leeftijd van de op te vangen kinderen.Zo is het geregeld
Eigen moestuin
Er is een gedeelte ingericht om samen met de kinderen een moestuintje aan te leggen en te onderhouden.bron
Kleine groepen
Of het nu gaat om peuters die zich voorbereiden op school of leerlingen die na school baat hebben bij structuur en rust: Plusopvang helpt hen stap voor stap vooruit.Kinderopvang Plus peuters van 2 tot 4 jaarKenmerken Kleine groepenBij Kinderopvang Plus zitten maximaal 10 kinderen in een groep.bron
Een tegel met een pijltje klapt open met de zin waar het kenmerk op steunt.
Wat de kinderen doen
Veel buiten spelen
Je kind kiest zelf wat het wil doen: buiten spelen, bouwen, knutselen, sporten, of juist even niets.bron
Uitstapjes in de buurt
Met themadagen, uitstapjes, workshops en creatieve uitdagingen maken we van de zomervakantie een tijd om naar uit te kijken.Talentbegeleiders: inspireren door passieOp verschillende locaties werken we met Talentbegeleiders.bron
Sport en gym
Sport, spel en vrij spelen We maken ook gebruik van de gymzaal voor sport en spel.bron
Zingen en muziek
Je hoort wat we doen op de vrijdagochtend, zoals spelen, zingen en samen eten.Je kunt al je vragen stellen.bron
Knutselen en schilderen
Je kind kiest zelf wat het wil doen: buiten spelen, bouwen, knutselen, sporten, of juist even niets.bron
Buurt & omgeving
CBS-cijfers
Bron: CBS Kerncijfers wijken en buurten 2024.